Interview Ciska Beukema met Marcel Slaghekke

Backoffice Plus algemeen directeur Ciska Beukema aan tafel

Ciska Beukema

Marcel Slaghekke achter bureau

Marcel Slaghekke

De sector wordt kleiner, maar complexer.
Dat vraagt om een steviger basis.

Ciska Beukema, directeur van Backoffice Plus, in gesprek met uitzendondernemer Marcel Slaghekke.

De Uitzendmonitor 2025 is uit: ruim 75 pagina’s CBS-cijfers over de periode 2007–2024. Marcel Slaghekke las het rapport en belde Ciska Beukema. Niet voor een presentatie, maar voor een eerlijk gesprek over wat de cijfers betekenen voor de uitzendondernemer.

Ciska:  Marcel, je klinkt niet verrast door de cijfers.

Marcel:  Nee, maar ik ben er wel door geraakt. 822.000 uitzendkrachten in 2024, dat zijn er bijna 90.000 minder dan in 2023. En toch werken de uitzendkrachten die er zijn gemiddeld 750 uur per jaar, het hoogste aantal in de hele reeks sinds 2007. De sector wordt misschien wel kleiner, maar de mensen die werken, werken méér. Dat voel ik ook in mijn eigen bedrijf.

Ciska:  Wat voel je precies?

Marcel:  Minder volume, meer gewicht per persoon. Meer uren, langere periodes, meer binding. De tijd van ‘even snel een student inzetten’ verschuift. 38 procent van onze uitzendkrachten is arbeidsmigrant; in 2012 was dat nog 19 procent. Die mensen werken gemiddeld zo’n 29 uur per week, dat is fors meer dan het gemiddelde van 26 uur. Dat is operationeel een andere wereld dan tien jaar geleden.

Ciska:  En dat betekent meer compliance-druk, neem ik aan.

Marcel:  Meer van alles. Langere fasen, zwaardere contracten, meer verplichtingen rond verloning. Het aandeel in fase B en C groeit van 20 procent in 2019 naar ruim 31 procent in 2024. Dat betekent dus steeds meer mensen die rechten opbouwen, langere contracten en loondoorbetaling bij ziekte. En sinds juli 2023 eindigt een uitzendovereenkomst met uitzendbeding niet meer automatisch als iemand ziek wordt. Dat raakt de verloning direct, je moet het kloppend hebben.

Ciska:  Dat is precies het moment waarop de backoffice het verschil maakt, of juist niet.

Marcel:  Precies. Vroeger kon veel handmatig. Nu niet meer. De foutmarge is kleiner geworden en de gevolgen zijn zwaarder. Daarnaast zie ik bureaus die de groei van de afgelopen jaren hebben gebruikt om te schalen, maar de basis niet hebben meegeschaald.

Ciska:  Er is nog iets uit het rapport dat ik wil aanstippen. De kwetsbare groepen. De helft van alle uitzendkrachten behoort tot minstens één groep met een mogelijk zwakkere positie op de arbeidsmarkt: 45-plussers, mensen met een uitkeringsverleden, een niet-westerse migratieachtergrond. Hoe kijk jij daarnaar?

Marcel:  Dat aandeel daalt licht — rond 2020 was het nog bijna 60 procent — maar het blijft groot, en het wordt in de data beter zichtbaar. Het vraagt iets van ons als sector. Je bent niet alleen een intermediair die mensen aan werk koppelt. Je bent soms de enige die iemand écht een kans geeft. Dat is een verantwoordelijkheid.

Ciska:  En bedrijfseconomisch is het ook gewoon verstandig. Drie maanden na hun uitzendbaan heeft 59 procent van de uitzendkrachten weer betaald werk. En wie doorstroomt naar een regulier contract, blijft dat meestal ook: 89 procent is daarna minstens zes maanden aaneengesloten in dienst. Dat is de waarde die je als sector levert. Maar dan moet je die doorstroom administratief wél goed faciliteren, zoals kloppende contracten, juiste verloning en tijdige signalering.

Marcel:  Anders help je iemand starten en struikel je halverwege over je eigen administratie.

Ciska:  Wat zie jij als de grootste verschuiving voor de uitzendondernemer de komende jaren?

Marcel:  Professionalisering van de basis. De markt wordt kleiner en strakker. De ondernemer die vooruitkomt is degene die zijn operationele fundament op orde heeft. Niet die met de meeste mensen, maar die met de minste fouten.

Ciska:  Dat klinkt bijna saai.

Marcel:  (lacht). Het ís ook saai. En precies daarom is het ook belangrijk. Je wilt niet nadenken over verloning. Je wilt nadenken over je klanten, je mensen, je groei. De administratie hoort gewoon te kloppen, altijd, automatisch en zonder gedoe.

Ciska:  Dat is wat wij elke dag voor onze klanten proberen te zijn.

Marcel:  En daarom wilde ik dit gesprek voeren. Niet voor een mooi verhaal, maar omdat de cijfers het bevestigen: de sector verandert, de mensen worden belangrijker, de complexiteit groeit. Wie dat serieus neemt, begint bij de basis.

Uitzendmonitor 2025. De cijfers op een rij

  • 822.000 uitzendkrachten in 2024; bijna 90.000 minder dan in 2023.
  • 750 gewerkte uren per uitzendkracht per jaar; het hoogste niveau sinds 2007.
  • 38% is arbeidsmigrant (2012: 19%); zij werken gemiddeld zo’n 29 uur per week.
  • Fase B en C samen: 31% in 2024, tegen 20% in 2019.
  • De helft behoort tot minstens één mogelijk kwetsbare groep (dalend t.o.v. ±60% in 2020).
  • 59% heeft drie maanden na de uitzendbaan weer betaald werk; van wie doorstroomt naar een regulier contract blijft 89% minstens zes maanden aaneengesloten in dienst.
  • 8,4% van alle werknemers werkte in 2024 ergens in het jaar als uitzendkracht, een dalend aandeel.

Wat dit betekent voor jouw bureau

  • Zwaardere contracten, minder ruimte voor fouten. Meer fase B en C en loondoorbetaling bij ziekte maken de verloning complexer. Één verkeerde grondslag telt nu zwaarder door.
  • Het uitzendbeding levert minder flexibiliteit. Sinds juli 2023 eindigt het niet meer automatisch bij ziekte. Dat is de reden waarom het gebruik ervan daalt. Je inrichting moet daarop kloppen.
  • Doorstroom is je verdienmodel én je risico. De waarde zit in mensen die doorstromen. Dat lukt alleen met kloppende contracten, juiste verloning en tijdige signalering.
  • Schalen zonder fundament wreekt zich. Wie meegroeide zonder de backoffice mee te schalen, loopt nu het meeste risico op fouten.

De Uitzendmonitor 2025 is uitgevoerd door SEO Economisch Onderzoek in opdracht van de ABU, op basis van CBS Microdata over de periode 2007–2024.